Ik ken dat, rouwen. Vorige week is mijn kat overleden.

Gepubliceerd op 24 maart 2021 om 22:04

Door Joyce

 

Ik kende het ook, rouwen.

Samuel was nog maar een rijstkorrel groot toen er plots die onheilspellende telefoon kwam. Mijn mama was dood. 

Twee jaar eerder had de duisternis al eens onverwacht een zonnige dag overschaduwd. Uit het niets; papa die voorgoed verdween.

Hun overlijden was een bom die zomaar pardoes ontplofte in mijn wereld. Zonder waarschuwing: knal! Weg waren ze. De twee mensen die mij het leven schonken. Het definitieve afscheid van mijn jeugd.

Als volwassen weeskind sprokkelde ik vervolgens vertwijfeld al die restjes leven terug bij elkaar. Met de splintertjes die overbleven hunkerde ik ernaar mijn eigen toekomst op te bouwen.

En toen stierf Mercedes.

Haar dood was de inslag van een meteoriet.

Mijn verleden had ik reeds gedag gezegd. Ouders die doodgaan; dat doet pijn. Veel pijn. Doch hun dood ligt in het verwachtingspatroon van het leven. Ooit gebeurt het.

De ontploffing die het overlijden van mijn ouders veroorzaakte, had mij al tot weesmeisje gereduceerd. Maar wie was ik nog, nu ik voor de onmogelijke opdracht stond om mijn toekomst af te sluiten? Een weesmoeder? Een net-niet-mama? Een sterrenouder?

Iets schattigs met sterretjes, dat leek nog de liefste formulering. Haastig uitgevonden door het Groene Boekje. Want van oudsher zijn er voor het verlies van je kind amper woorden te vinden. En het feit dat we er geen taal voor hebben, zegt genoeg.

Je kind overleven past gewoon niet in ons wereldbeeld.

Over het rouwen om een kat daarentegen kan ik mij niet uitspreken. Dat verdriet is mij gelukkig bespaard gebleven. 

 

 


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.